Translate

10 mei 2020

corona

"... en Ab Oosterhaas, voormalig deskundige, en Diederik Gummert, de huidige voorzitter van de deskundigenclub, gaan met elkaar in discus...."

Zap!

"... begrijp niet waarom er dan niet getennist kan worden. Wij staan een heel eind van elkaar af, met een net ertussen. Daar is dus...."

Zap!

"... groep 'Vaccinatie Nooit' wilde in de binnenstad protesteren tegen de noodmaatregelen en 5G. Zij denken dat de 5G straling Corona...."

Zap!

"... We moeten echt in die lockdown volharden anders...."

Zap!

"... snel weer open kunnen. In Zweden kan het ook. Dit kabinet helpt zo de hele economie naar z'n mallemoer...."

Zap!

"... dat boer Frans en Ilona...."

Uit!

Geërgerd gooide ik de afstandsbediening op de bank.
"Het is echt Corona, Corona, Corona wat de klok slaat," verzuchtte ik.
"En boer zoekt vrouw," zei mijn vrouw koeltjes.
"En boer zoekt vrouw ja. Een van de vele programma's over mannen die niets kunnen. In dit geval, zelf een vrouw vinden. Nee, daar moet de televisie bij komen. Net als die treurneuzen in in in 'Help mijn man is klusser'. Stel je voor dat je zoiets zou maken over incompetente vrouwen. En dan wel net zo rolbevestigend en net zo seksistisch. 'Help, mijn vrouw gaat koken', zoiets. Over vrouwen die wel alle ingrediënten en attributen in huis halen, maar dan bijvoorbeeld nooit die ene taart echt gaan bakken. Dat het meel al twee jaar over de datum is, maar het bakblik nog in het plastic zit. En dat die man dan op zijn verjaardag weer op zo'n kleffe taart uit de diepvries van de super moet zitten kauwen. En en dat zij dan bloed chagrijnig wordt als hij er ook maar iets over zegt. Ik denk dat de makers zouden worden neergesabeld! De feministen zouden uit alle hoeken en gaten komen om er schande van te spreken. Maar als het om mannen gaat, hoor je niemand. Die kan je gerust publiekelijk en zonder enige consequentie voor gek zetten op TV."
"Maak je toch niet zo druk. Het is gewoon een leuk programma,"
"Welke bedoel je? 'Boer zoekt hoer' of 'Help mijn man is een klooitviool'? Sjonge jonge! En en die journaals en die actualiteitenrubrieken zijn al niet veel beter!"
"Die gaan ook over mislukte mannen?" vroeg ze sarcastisch.
"Nee, die gaan alleen nog maar over Corona. Worden er dan geen aanslagen meer gepleegd? Zijn de oorlogen gestaakt? Is de honger gestild en de armoede bestreden? Want in dat geval is Corona een zegen. Is er eindelijk 'world peace'," mekkerde ik.
"Je moet er niet zo'n punt van maken."
"Ik maak er geen punt van. Ik constateer alleen feiten, dat die zogenaamde nieuwsrubrieken ons nu wel heel eenzijdig informeren over wat er in de wereld gebeurt. De journalistiek stelt me teleur, vreselijk teleur!"
"Stel je toch niet zo aan. Dan zap je gewoon weg?"
"Om naar falende mannen te lopen kijken zeker?"
"Chateau Meiland dan?"
"Nou, over falende mannen gesproken, daar heb je de koning te pakken. Mijn hemel!"
"Ach, da's toch leuk. Heel veel mensen kijken er naar."
"Ja, da's nog het erge. Dat half Nederland naar een wijn slobberende malloot zit te kijken."
"Hij verdient er anders flink mee, dus noem het maar gek."
"Mmmm!"

Ik zei niets. Dag 27 van de intelligente lockdown. Ik wist niet wat daar nu intelligent aan was. Gewoon zoveel mogelijk binnen blijven om de kans te verkleinen dat je een potentieel gevaarlijk virus oploopt of ongewild verspreid. Daar is toch niets intelligents aan. Dat is gewoon logisch.
Al met al, ik werd er niet vrolijk van. Hoe logisch zo'n lockdown ook is. Ik hoef echt niet altijd maar uit en naar festivals en feesten en concerten en theaters. Ook vakanties kunnen me gestolen worden. Maar nooit meer ergens heen kunnen, geen andere mensen meer zien, geen borrel drinken met vrienden of uit eten, geen onverwachts bioscoopje pikken, of toch maar effe mee naar de Ikea dan (voor een hotdog of balletjes), ik miste het. En ik werd er nukkig van.

"Serietje doen?" vroeg ze.
Dat was codetaal voor "Zullen we doorgaan met die serie die we aan het kijken zijn op Netflix en er wat lekkers bijnemen?".
"Ja, is goed," mompelde ik nog wat nagloeiend.

Ik slingerde Netflix aan, zette mijn hand in de chipszak en daar gingen we. Naar een andere wereld, een wereld zonder Corona, waar mensen elkaar nog vriendelijk groetend konden passeren en elkaar om de hals vliegen. Ook een wereld vol haat, moord en doodslag en jaloezie en verraad, want ja, zo'n serie was het wel. Lekker spannend en met lekker veel ellende. Heerlijk zo'n serie. Op TV. Niet om er zelf middenin te zitten.

"Wacht," zei ik, "ik heb effe een stukje gemist. Zat in gedachten. Wat zei die nou?"

Groetjes, Salvatore

05 april 2020

tomatensoep

Ik ging dus boodschappen doen. Dit klinkt meteen al als fictie, snap ik, maar het kon nu eenmaal niet anders, dus ik moest wel. Ik had wat spulletjes nodig waaronder twee zakken soep. Waarom soep niet meer gewoon in een blik kan zitten, is me trouwens een raadsel. Je ziet het tegenwoordig in bakken, pakken, emmers, zakken, en er is zelfs soep verpakt als worst. Waarom? Maar goed, ik moest dus soep hebben. Twee zakken tomatensoep. Hoe moeilijk kan het zijn? Sta ik voor die stelling, wat denk je, honderden verschillende soorten tomatensoep. Chinese tomatensoep, kruidige tomatensoep, biologische tomatensoep, romige tomatensoep, stevige tomatensoep, Hollandse tomatensoep, tomatengroentesoep, tomatencremesoep, tomatensoep met knaks, pittige tomatensoep, vegetarische tomatensoep, extra gevulde tomatensoep, rijk gevulde tomatensoep en extra rijk gevulde tomatensoep. Dit zijn dan alleen de tomatensoepen die ik me herinner, maar er stonden er nog véél meer. Ik zag zelfs geconcentreerde tomatensoep, dus ik neem aan dat er ergens ook wel tomatensoep met de spanningsboog van een goudvis zal hebben gestaan. Ik wilde gewoon tomatensoep, maar dat stond er niet bij. En de vragen die het allemaal oproept. Neem Hollandse tomatensoep. Is dat nou soep van Hollandse tomaten of soep met tomaten van all over the place maar op Hollandse wijze bereid? Maar goed. Vanwege de 1,5 meter afstandsregel tijdens deze Corona dynastie wilde ik niet te lang blijven staan, want zolang ik me er stond te verbazen, kon niemand er meer langs. Dus pakte ik maar klassieke tomatensoep. Dat leek me nog het dichts in de buurt te komen van gewoon tomatensoep. En tomatensoep is tomatensoep, dacht ik nog.

Bij de kassa zag ik achter het geschitter van het plexiglas nog net de caissière. Duidelijk iemand uit de risicocategorie en zo chagrijnig als je van die types kan verwachten. Ik had geen zin in gedoe, dus haastte ik mij de paar boodschappen die ik had, snel en adequaat op de ongetwijfeld van vele besmettingen voorziene loopband te plaatsen. Beurtbalkje erachter en hup, ze had niets te klagen. Toen zag ik, dat ik twee verschillende soorten tomatensoep had. Ja, het waren beiden wel rooie zakken, maar de ene was klassieke en de ander was rijkgevulde. Zal ik nog even snel...? Ik keek weer naar de kenau achter het plexiglas. Dat plexiglas zag er niet bepaald stevig uit, dus ik besloot het zo te laten. Zonder noemenswaardige problemen rekende ik af en keerde huiswaarts met zegeltjes voor iets dat wij niet nodig hadden, kaartjes die wij niet spaarden en koopzegels waarvoor wij geen boekje hadden. Ik durfde tegen haar geen 'nee' te zeggen.

De dag die je wist dat zou komen brak aan. Tomatensoepdag. Daar stond ik in de keuken met twee verschillende zakken. Die konden toch wel bij elkaar, of zou ik ze in twee aparte pannen moeten opwarmen? Dus riep ik naar mijn vaste huisgenote:
"Die zakken soep, die kunnen toch wel bij elkaar?"
"Ja, natuurlijk," riep ze.
"Maar het zijn wel verschillende soepen."
"Ja, dan niet natuurlijk," riep ze.
"Het is wel allebei tomatensoep, dat wel."
"Ja, dan kan het natuurlijk wel," riep ze.
"De een is, ja, klassieke tomatensoep en de ander is mega extra super gevuld."
"Dat maakt toch niet uit. Tomatensoep is tomatensoep, riep ze.
"Ja, dat dacht ik ook," mompelde ik in mezelf.
"Wat zeg je?" riep ze.
"Nee, ik zeg in mezelf dat ik dat ook al dacht."
"Wat?" riep ze.
"Dat die soepen wel bij elkaar kunnen."
"Ja, natuurlijk kan dat," riep ze.
"Als ik ze mix zal er niks gaan borrelen of ontploffen."
"<onverstaanbaar>," zei ze.
"Wat!?"
"Nee niks," riep ze.
"Oké, dan roer ik ze nu door elkaar. Als je een knal hoort, gelijk 1-1-2 bellen."

Er kwam geen knal. Het bleef, alles bij elkaar, tomatensoep. Beetje te veel groenten naar mijn smaak en te weinig balletjes en een beetje aan de zure kant. Al met al, niet voor herhaling vatbaar, wat mij betreft. Geef mij maar gewoon Italiaanse tomatensoep.

Groetjes,
Salvatore

28 februari 2020

tegendraads

Hoe positief iets ook is, als het me wordt opgedrongen, hoeft het voor mij niet meer. Dan word ik tegendraads, gaan de hakken in het zand, gooi ik de kont tegen de krib en taai ik af. Toedeledoki! Ja, het is misschien niet altijd slim, maar het gebeurt gewoon. Ik kan er niks aan doen. Zo ben ik nou eenmaal. Dat ik er niks aan kan doen omdat ik nu eenmaal zo ben, is natuurlijk volslagen onzin. De enige die er überhaupt wat aan zou kunnen doen, dat ben ik zelf. Maar je hoort het mensen wel vaker zeggen, dat ze er niks aan kunnen doen omdat ze nu eenmaal zo zijn. Terwijl het juist heel gemakkelijk is om je gedrag te veranderen. Ja! Als ik onder schot wordt gehouden, ga ik immers heus niet bij de hand lopen doen.
"Handen omhoog!"
"Doe lekker zelf je handen omhoog."
Heus, onder dit soort omstandigheden pas ik mijn gedrag echt zonder problemen aan. Net zo makkelijk. Dus ik ben eigenlijk alleen tegendraads als ik het me kan veroorloven om tegendraads te zijn, en dat is dus nog best vaak, want in dit vrije Nederland, waar de gezagsverhoudingen geheel zijn vervallen en we allemaal gelijk zijn, kan feitelijk iedereen het zich veroorloven niet mee te doen en tegendraads te zijn.

Als ik een uitnodiging krijg voor de bruiloft van mijn beste vriend en er wordt gevraagd om helemaal in het wit te komen, ben ik waarschijnlijk de enige in een grijs pak.
Als op een training wordt gevraagd om met de ogen dicht op de grond te gaan liggen omdat we samen een "virtuele reis" gaan maken, ben ik de enige die rechtop blijf zitten met de ogen open. Ik ben toch niet gek! Bovendien hou ik niet van reizen.
Als je overal hoort dat vlees eten echt niet meer kan, of het nou in het belang is van dierenwelzijn of klimaatverandering, dan neem ik nog een stukkie extra.
Als op de sportschool de instructeur me wil motiveren door "Je kan het!" te roepen, bewijs ik zijn ongelijk door per direct te stoppen en het lidmaatschap op te zeggen. Ik zeg, succes!
Is dat tegendraads of is dat tegendraads?


Maar soms waai ik ook gewoon met de wind mee en go ik with the flow. Mijn rebellie is niet principieel, maar gewoon geen zin. En het is heerlijk om ergens geen zin in te hebben en het dan ook niet te doen. Ik moet al zoveel. De wekker zetten, opstaan, scheren, tanden poetsen, douchen, netjes aankleden, op tijd wegrijden, werken, boodschappen doen, eten maken, Netflix kijken of op bezoek gaan of bezoek ontvangen, op tijd naar bed toe, slapen.... En dat 5 dagen per week, nu al bijna 40 jaar lang. (Vervang Netflix door TV voor de eerste 38 jaar.) Dan nog al die klusjes, schapje hier, schilderijtje daar, kastje verzetten, snoertje langer maken, kastje terug zetten, snoertje korter maken, vuilnis buiten zetten, onkruid wieden, snoeien, grasmaaien, stenen schrobben enz. enz. Wat moet een mens toch veel. Nou ja, moet? Ook dat is een keuze natuurlijk. Ik kan er ook voor kiezen om als kluizenaar in een hutje op de hei te gaan wonen. Da's op zich ook al best tegendraads. Maar toch doe ik dat niet, want tegendraads zijn is eigenlijk alleen maar leuk als er op z'n minst één iemand is, die het waarneemt en zich eraan ergert. Tegendraads zijn zonder dat het gezien wordt, is geen bal aan.

Dus, ik ben wel tegendraads maar alleen als:
- er minstens één mens is die zich dan aan mij stoort;
- ik er de puf voor heb;
- als het zich niet tegen mij keert.
Hoe rebels is dat?!

Gr. Salvatore